‘Schoonheid is de mooiste troost die er is’

le jeudi 22 février 2018 12:44 Ampersand

Verleden, heden en toekomst zijn nauw met elkaar verbonden. Was het vroeger beter? En hoe belangrijk zijn familie en de streek waarin je woont? We duiken met minister van Justitie Koen Geens in zijn verleden, bekijken hoe hij de man geworden is die hij vandaag is en hoe hij de toekomst ziet.

& Je bent vorige maand 60 jaar geworden. Je zei daarover: “Oud ben je pas, als je vindt dat het vroeger beter was. Ik ben ervan overtuigd dat het morgen beter zal zijn”. Ben je dan iemand die altijd vooruit kijkt?

Koen: “Ja, ik ben een grote optimist en realist. Het verleden is natuurlijk een interessante bron van informatie en ervaring om mee aan de slag te gaan voor de toekomst. Maar ik word niet nostalgisch of melancholisch over de tijd die voorbij is. De tijd gaat vooruit, maar vanbinnen blijf je altijd dezelfde. Ik weet hoe het in het verleden was en ben er zeker van dat het vroeger niet beter was. Toch zijn er veel mensen die dat wel vinden. Dat komt vanuit het feit dat ze voelen dat ze in de ogen van anderen niet meer jong zijn. Zij die zeggen dat het vroeger beter was, zijn mensen die niet de kracht willen zoeken om het beter te maken in de toekomst. Je moet vertrouwen hebben in de toekomst. Het volstaat dan om naar het verleden te kijken en te zien dat we er fel op zijn vooruit gegaan en dat er nog veel vooruitgang mogelijk is. Dat is een manier van in het leven staan.”

& Mis je iets uit het verleden?

Koen: “Mensen. Mensen in je omgeving verliezen, is het enige moeilijke aan ouder worden. Mijn moeder is twee jaar geleden gestorven, en dat is een enorm gemis. Ze was mijn hele leven in mijn nabijheid. Dat is confronterend. Maar de dood is de hele tijd onder ons. Iemand die een beetje nagedacht heeft in zijn leven, weet dat het leven eindigt en hoopt dat het lang duurt voor het eindigt. Dat is niet zwartgallig, maar de realiteit. En wanneer je in je hele leven niet nagedacht hebt over de dood, heb je er geen last van, maar de confrontatie komt dan wel nog vroeg of laat. En het is erger als die confrontatie op je 90ste komt dan op je 30ste. Stel je voor dat je 90 bent en zegt: ‘Nu ga ik sterven, dat had ik niet gedacht. Dat stond niet in mijn boek’. Als je in je leven al over de dood hebt nagedacht, zie je die al lang op voorhand aankomen en kun je die plaatsen.

En dat is de uitdaging van het leven: de dood een plaats geven en zeggen dat het leven dat je leidt, dat wat je hier doet, zin heeft. We zijn hier om het zo goed mogelijk te doen, onze samenleving beter te maken en onze planeet beter achter te laten voor degenen die na ons komen. Dat is het rentmeesterschap van onze partij. Dat is onze ideologie. En als je op justitie zit, zie je dat elke dag. Hier is zoveel werk dat je genoeg zin kunt geven aan je dagen (lacht). Maar de dood is onvermijdelijk en het leven is een reis. Je moet je daar dus zachtjes op voorbereiden. Elke dag thuis vertrekken zonder ruzie bijvoorbeeld. Want stel je voor dat je niet meer terugkomt.”

& Jouw vader is kort na je geboorte gestorven. Zijn er momenten dat je zo’n vaderfiguur mist?

Koen: “Mijn vader is op jonge leeftijd uit het leven weggerukt. Ik was maar negen maanden oud. Dus ik miste hem wel tijdens mijn jeugd. Maar je weet natuurlijk niet wat je mist, omdat ik hem nooit gekend heb. Ik heb uiteindelijk nooit anders geweten dan opgroeien zonder vader. Al heb ik met mijn grootvader een tweede vader gehad. Het moeilijkste was dat ik geen voorbeeld had. Toen ik vader werd, heb ik zelf veel moeten uitzoeken. Want ik wist niet wat dat was, vader zijn. Mijn kinderen vertelden me dat ik hen de wereld wel veel te rooskleurig had voorgesteld. Alsof vertrouwen de enige norm was en je geen wantrouwen moest hebben. Dat is waarschijnlijk omdat ik zelf door een oudere man ben opgevoed die mij wilde geruststellen. Maar dat heeft ook zijn voordelen, omdat ik niet snel in paniek zal geraken. Ik ben nogal snel gerust.

Door in de politiek te stappen, ben ik bovendien pas echt mijn vader beter gaan leren kennen. Veel mensen spreken me namelijk aan en vertellen hoe mijn vader was of halen foto’s van hem boven. Er hebben mij zelfs al mensen aangesproken die met hem op kot hebben gezeten. En daarom ben ik ook dankbaar dat ik in de politiek ben gegaan.”

& Hoe belangrijk is familie voor jou?

Koen: “Zeer belangrijk. In een relatie kun je evenwicht terugvinden. Je kunt over andere dingen spreken die totaal relativeren wat je die dag gedaan hebt. Mijn vrouw begrijpt waarover het gaat in m’n job. Ze weet precies hoe moeilijk het soms is, maar volgt me en relativeert mee. Zo’n familiale basis is goud waard. Vooral omdat je als politicus een druk leven hebt en nooit zeker weet dat de tijd die je hebt vrijgehouden voor je familie, ook effectief zal ingevuld kunnen worden. Er kan altijd iets onverwachts gebeuren en tussenkomen. En dat is heel confronterend, omdat je omgeving daar mee de gevolgen van draagt.”

& Je bent opgegroeid in het Antwerpse, maar woont al lange tijd in Vlaams-Brabant. Hoe ben je in Vlaams-Brabant terechtgekomen?

Koen: “Door de studies van mijn vrouw en mezelf. We leerden elkaar kennen aan de universiteit van Antwerpen. Ik ben dan met haar naar Leuven getrokken, waar ik doctorandus werd. Voor ons was het evident om dan ook in Leuven te gaan wonen. Eigenlijk zijn wij dus al 40 jaar Vlaams-Brabanders. Mijn vrouw is afkomstig uit de Kempen, net als mijn grootouders. Maar eigenlijk zijn wij allemaal Brabanders. Want Antwerpenaren, dat zijn Midden-Brabanders en wij – Leuvenaars – zijn Zuid-Brabanders. We zijn hetzelfde volk, hebben dezelfde grond en dezelfde bouwstijl.”

& Wat maakt Vlaams-Brabant zo bijzonder?

Koen: “Ik ben nogal een fervente fietser en er is geen plaats waar de natuur zo mooi is als in mijn provincie. Soms lijkt het wel sprookjesachtig. Bijvoorbeeld de nationale weg in de buurt waar ik woon, loopt van Terhulpen naar Leuven. Daar kan een bus amper haar bochten pakken. Een holle weg met een oude stijl waar fietsers en moto’s in de zomer zich kostelijk amuseren en dat ten koste van de bussen natuurlijk (lacht). Die weg loopt door heel wat gemeenten, waaronder mijn gemeente: Huldenberg. Een prachtige streek waar je wel van moet houden. Met ongelofelijke wandelgebieden die op de Ardennen of de Vogezen lijken. Het is ook een provincie met heel veel kenniseconomie. We hebben grote aantrekkingspolen met de universiteit, medische bedrijven en spin-offs.”

& En waar droom je nog van als de mens Koen Geens en als de politicus Koen Geens? Koen: “Als mens droom ik ervan om gelukkig oud te worden. Als oudere gelukkig zijn, is belangrijk voor je kinderen en kleinkinderen. Want zij willen je – ondanks het drukke leven dat ze leiden - gelukkig zien. En samen met mijn vrouw ga ik daar proberen voor zorgen: samen met haar een gelukkige oude dag leiden. Dat betekent dat we jong moeten blijven door te blijven lezen, te blijven kijken, te blijven reizen, en door bezig te blijven met de toekomst. Net zoals mijn grootvader. Op zijn sterfbed zei hij ‘ja, het is erg dat ik moet sterven, want ik zou graag willen weten hoe de wereld er binnen tien jaar uitziet’. Mocht hij nog verder geleefd hebben, dan zou hij geweten hebben dat in 1989 de Berlijnse muur gevallen was. Dat zou hij nooit geloofd hebben. De communisten klein krijgen? Dat was zijn droom.

En als politicus hoop ik nog minstens 40 jaar te kunnen doorgaan, om uiteindelijk op een tevreden en gelukkige manier afscheid te kunnen nemen van m’n job. Maar het lot beslist over een mens. Je kunt het een beetje helpen, maar voor een groot stuk ben je een speelbal van de golven.”

 

Wist je dat…

  • Koen Geens een grote filmfanaat is? Op zijn verjaardag ging hij samen met zijn vrouw naar The Darkest Hour kijken, een film over Churchill. Politiek en oorlog zijn voor hem de ideale filmingrediënten. Hij raadt alle jongeren die in de politiek zitten dan ook aan om deze film te gaan bekijken. Net als de film Dunkirk. Want zoals Koen Geens zegt: “Schoonheid, zoals je die in films terugvindt, is de mooiste troost die er is”.
  • Koen Geens’ favoriete streekproduct de Huldenbergse druiven zijn? Er is niets waar hij zo slecht van kan afblijven als druiven.
  • Koen Geens’ favoriete dialectwoord het Leuvense woord ‘schoaverdijne’ (schaatsen) is? Tijdens zijn jeugd mocht hij van zijn mama – die Germaniste was – geen dialect spreken. Later maakte hij zich het dialect toch machtig, en heeft hij er plezier in om het af en toe te kunnen spreken.