Het betere werk (opinie Masschelin)

op 22 juli 2017 07:31 Het Laatste Nieuws

Als de wind een beetje meezit, wordt Koen Geens de eerste naoorlogse minister van Justitie die écht iets veranderd zal hebben aan ons gerechtelijk systeem. Sommige voorgangers probeerden wel iets, maar ze waren al lang weer minister af voor ze iets kónden doen. Hun ideeën bleven dode letter. En onleesbaar voor de opvolger, wegens te warrig bij een aantal excellenties.

De lijst met hervormingen die Geens met vaste tred door de ministerraad en het parlement jaagt, is indrukwekkend. Veel van zijn juridische werk ontgaat de gewone sterveling, maar deze hoogleraar sleutelt met kennis van zaken aan onze basiswetten op het gebied van burgerlijk recht, strafrecht, strafvordering en procedures. Veel van die basiswetten zijn 200 jaar oud en, je gelooft het haast niet, Geens is de eerste die ze daadwerkelijk aanpakt. In Nederland, altijd een tikje voor op dat vlak, werden zeer veel wetten al na WO II grondig aangepast aan de moderne tijden.

Geens is minister van een wereld waarin hij eigenlijk niets te zeggen heeft. De scheiding der machten is nooit zo scherp geweest als nu. Gerecht en minister van Justitie: de tweede mag het uitleggen als het eerste faalt, maar magistraten zien liever dat de minister in alle andere gerechtelijke situaties zijn mond houdt. De minister heeft ook niets meer in de pap te brokken bij de benoeming van magistraten. Hij moét wel zijn handtekening plaatsen onder beslissingen die de Hoge Raad voor de Justitie genomen heeft. Tekenmachine. Aan de strafuitvoering mag hij ook niet meer deelnemen. Maar als Michelle Martin morgen weer buiten de lijnen kleurt, zullen de camera's wél aan de Waterloolaan postvatten.

In dit klimaat is het des te verwonderlijker dat Geens er toch in slaagt om beweging te krijgen in die krakende gerechtelijke machine. Hij wil ze vlugger en duidelijker laten draaien. Hij wil de rechtspraak eenvoudiger en leesbaarder maken. Duidelijkheid en snelheid in gerechtelijke procedures dragen bij tot (een gevoel van) rechtvaardigheid. Dat is wat de gewone rechtzoekende nu al decennialang mist. Hij had het idee dat hij er niets van verstond en dat er maar geen schot in zijn zaak kwam, en het was nog juist ook. Of erger: dat niemand écht bekommerd was om zijn zaak. Ook dat idee was helaas soms erg raak.

De passage van Geens zullen we dan wel voelen in rechtszaken, maar binnen het gevangeniswezen is er nog veel werk aan de winkel. Elke gevangene kost ons land jaarlijks 50.000 euro. Dat geld gaat vooral op aan personeel, gebouwen en middelmatig eten, maar in reclasseringsprogramma's wordt er nog veel te weinig geïnvesteerd. Een gedetineerde bij onze noorderburen kost 125.000 euro per jaar. Daar wordt er wél ferm aan hun re-integratie gewerkt. Met als resultaat dat er maar half zoveel recidivisten zijn in Nederland. Zouden we daar eens geen voorbeeld aan nemen?

JOSÉ MASSCHELIN